Arunachala, het verhaal

Lang geleden leefde er in India een koning.

Een onrustig man wiens zucht naar rijkdom en mooie dingen niet te stillen was.

Hij bezat alles wat een mens maar zou kunnen bezitten. Paleizen, meerdere prachtige vrouwen, een schare kinderen, de snelste paarden van het hele continent, landerijen ... alles. Alles? ... Bijna alles ... want zijn onrust en onvrede die zich vertaalde naar hebzucht, was een grote hinder voor hem.  

Op een dag reed hij op zijn lievelingspaard in de omgeving van een van zijn paleizen. En hij kwam een man tegen, de man was te voet en had schamele kleren aan. Nu zag de koning dagelijks van dit soort lieden, en ze trokken meestal niet zijn speciale aandacht. Maar deze man ... hij had iets speciaals. En de koning observeerde hem aandachtig en zag dat de ogen van de man straalden. Alsof een innerlijk licht in hem was ontstoken. Een soort van stralende, maar voelbare aanwezigheid. En de koning vroeg de man wie hij was en waar hij vandaan kwam. De man keek hem met zijn stralende, rustige ogen aan en antwoorde, mijn naam is Prem Ritam en ik kom terug van mijn pelgrimstocht naar de heilige berg Arunachala. De koning, die nog nooit van die naam had gehoord vroeg aan de man of hij iets meer kon vertellen van deze berg. Hij steeg af, spreidde een kleed en stalde daar wat drinken en eten op uit. Hij nodigde de man uit daar plaats te nemen en met hem te eten. De pelgrim Prem Ritam nam de uitnodiging aan en de mannen zette zich aan de maaltijd terwijl hij vertelde.

- Dertig dagen lopen hiervandaan in de provincie van de donkere mannen, Tamil Nadu, ligt het dorp Tiruvannamalai. Deze ligt aan de voet van de heilige berg Arunachala. Pshivarem Ritam vertelde hem van de strijd tussen Brahma en Vishnu over wie nu de machtigste God was en hoe Shiva hen, om deze strijd beëindigd te zien, de opdracht gaf te zoeken naar een van de uiteinden van zijn Goddelijke vorm. Degene die een van de uiteinden zou vinden zou dan de machtigste God van hun tweeën zijn. Gedurende deze zoektocht kwam Vishnu tot het inzicht dat hij dit nooit zou kunnen vinden, en gaf zich volledig over aan het besef dat tweestrijd een schijnbare afsplitsing van eenheid is. Dat hij bezig was een zeepbel na te jagen. Brahma echter speelde vals en deed voorkomen alsof hij een van de uiteinden van de Goddelijke Shiva lichtbundel had gevonden. Shiva had hem echter onmiddellijk door en ontstak in woede. Brahma realiseerde zijn dwaling en vroeg vergiffenis aan Shiva en Vishnu. Ze verzochten Shiva zijn Goddelijke lichtbundel niet te laten verdwijnen om het universum ten goede te laten komen. Shiva voldeed aan verzoek en transformeerde de lichtbundel in de Arunachala berg die gloeit van Goddelijke energie. -

Prem Ritam zweeg na dit verhaal. De koning echter die niet zo goed tegen stilte kon, (dat duurde hem te lang) vroeg ongeduldig wat die tocht naar de berg de pelgrim nou had opgeleverd. De pelgrim vertelde - Als je om de berg heenloopt dan zal een ieder het Nirvana deelachtig worden.. "Dus je hoeft alleen maar om de berg heen te lopen en je bent het Nirvana deelachtig??" Vroeg de koning ...

"- Ja, antwoordde de pelgrim. Maar je moet het blootsvoets doen zodat de goddelijke energie in je wordt opgenomen gedurende de ommegang ... -"

Maar dat laatste hoorde de koning niet, want hij was op zijn paard gesprongen en gaf het arme dier de sporen ...  

Het was een snel paard, het was het beste paard van het continent, en de koning reed in drie dagen nachten naar Tiruvannamalai. Zich niet bekommerend om het arme trouwe dier die geen rust, eten of drinken kreeg. Hij zag niet hoe kletsnat zijn paard was van het zweet, hoe het schuim uit het hoofd vloog... door, door.

Toen ze in Tiruvannamalai aan waren gekomen zag de koning de heilige berg. "Bijna, bijna" hijgde hij, "vort, vort beest ..." het Nirvana zal mij deelachtig worden...

En het totaal afgeroste dier begon aan de ommegang in wilde, woeste galop. Het hart klopte het dier bijna uit het lijf, het dier hinnikte van pijn, angst en uitputting ... maar de meedogenloze koning voelde niet, hoorde niet, dacht niet ... vort, vort!!

En na nog geen uur kwam Tiruvannamalai weer in zicht en kwam hij aan bij het beginpunt. Hij stapte van het rillende dier af. Maar de koning voelde, of merkte niets van het verwachte Nirvana. Woedend was hij op de Pelgrim die hem op deze barre tocht had gestuurd. Maar zijn aandacht werd getrokken door geroep en geschreeuw van omstanders en hij draaide zich om.

En wat hij zag vervulde hem met een groot ontzag. Zijn arme paard was door de benen gezakt, lag stervend op de grond maar werd omgeven en doorstraald met een groot en heilig licht. En tot opperste verbazing van een ieder die het maar zag werd het dier door dit intense licht opgetild, hoger en hoger tot boven de top van Arunachala en verder. Totdat het volledig uit zicht was. Nooit is er ooit iets teruggevonden van het paard.

En de koning? De koning kon naar huis lopen.
De koning had nog vele, vele levens te gaan.

In een van die levens heb ik hem ontmoet. In 1999 toen ik zelf bij de heilige berg was.

Hij was nu een taxi chauffeur die mij dit verhaal vertelde toen ik hem vroeg mij met zijn taxi om de berg te rijden. Hij eindigde zijn verhaal met  "good for car sir, not for driver!!" En hoofdschuddend reed hij weg, mijn leven en dit verhaal uit.

Ik ben toen toch maar gaan lopen.
Volker