Over de natuurlijke staat
Alexander Smit

De natuurlijke staat is van een eenvoud die nooit door het denken of voelen gevangen kan worden. De natuurlijke staat vangen of begrijpen, zou op z' n minst tweevoud inhouden, namelijk een die ervaart en een die beschrijft: ervaren en beschrijven, het zien en het geziene, het horen en het gehoorde. Zo wordt het een uit-een- zetting. De natuurlijke staat kan echter nooit uit-een-gezet worden.

De mens die de inhoud van zijn bewustzijn wil veranderen, zijn persoonlijkheid wil vormen, of zijn ego wil verliezen, probeert het onmogelijke. Het ene deel wil het andere deel veranderen, omvormen, verminken, polijsten - waarlijk een troosteloze onderneming, een woestijn zonder schaduw.

Dit heet Het Zoeken, een weinig begeerlijke toestand. Men zegt dat wanneer menniet op zoek is, men niet waarlijk leeft. Dat is onzin. Zoeken is een doel projecteren op jezelf, de horizo proberen aan te raken, ofwel jezelf in een onmogelijke situatie manoeuvreren, een situatie van zelf geschapen doelen en uitkomsten.

De uitkomst zal hetzelfde zijn als het geprojecteerde doel. Een hoogstandje van het denken. Aan het einde van de zoektocht, zo al aanwezig, ligt de uitkomst van je eigen denken, de uitkomst van je eigen projecties en melancholische fantasieën, je regressieve infantiele behoefte aan geborgenheid en ruimtelijkheid.

Door je niet te stuiten behoefte je te vereenzelvigen met een visie in plaats van met het bestaan, heb je jezelf klein gemaakt. Het bestaan heeft plaats genoeg voor elke visie, want een visie is een fragment van leven, één manier van zien, één manier om naar God te kijken.

Maar een visie heeft geen plaats voor het bestaan. Een visie vernauwt, vertraagt, is altijd te laat, is altijd na-denken. Een visie is altijd een tunnel, een totaalvisie is een hele grote tunnel, maar het blijft een tunnel. Onze ogen zijn hele grote tunnels waardoorheen wij een wereld zien. Het geziene kan niets zien, het denken verdeelt het zien in visies en zo ontstaan gedachten en meningen. Het bestaan in zijn totaliteit blijft een mysterie. Niet te begrijpen.

Dit wordt duidelijk bij de geboorte van een kind dat uit de moeder komt. De nieuwe ogen die de moeder aanzien, zijn in wezen Bewustzijn dat kijkt naar zichzelf. Daarom is de geboorte, en alles wat eraan voorafgaat, een groot mysterie.

Het denken is veel te klein om dit allemaal te kunnen bevatten. Daarom stroomt het over bij gebeurtenissen als geboorte en dood. De stilte van een geboorte en de stilte van een sterven, kennen haar weerga niet op deze wereld. Want wat hier plaatsvindt, is het wisselen van naam en vorm. Bij de geboorte en bij het sterven is dat wellicht hert duidelijkste.


Alexander Smit, december 1982